Lieveheersbeest eet 3000 bladluizen per maand!
Larven van gaasvlieg en lieveheersbeestje.
Vogels eten rupsen en slakken.
Katten eten en of verjagen muizen.
Tegen larven van kevers bv engerlingen kun je aaltjes bestellen.

Natuurlijk tuinieren 

 

Het woord zegt het al; natuurlijk tuinieren wil zeggen tuinieren met natuurlijke middelen.

Natuurlijk tuinieren gaat er van uit dat de natuur zelf zijn “problemen” wel op kan lossen en daarbij dus geen gif of andere ingrepen nodig heeft van de mens.

 

Spelregels

 

  • Geen chemische bestrijdingsmiddelen tegen allerlei ziekten en plagen. Je kunt wel gebruik maken van natuurlijke vijanden of plantaardige middelen. Voorkom ook ziekten en plagen door te zorgen voor een goed leefmilieu voor de planten (zie hoofdstuk 7). 
  • Geen kunstmest ; in de natuur wordt dat ook niet toegevoegd. Kunstmest heeft nogal wat nadelen: het spoelt gemakkelijk weg, de anorganische zouten onderdrukken de activiteiten van de bacteriën zodat ze het bodemleven aantasten. Het brengt geen gram humus in de grond en verrijkt de grond niet. Bij teveel of bij een gift in de zon geeft het verbrandingsverschijnselen op het blad.
  • Wel organische mest  Deze bevat naast de elementen ook sporenelementen. De elementen komen langzamer vrij (daarom al in het najaar geven), wat ook tot gevolg heeft dat de wortels meer moeten zoeken. Op die manier ontwikkelen ze zich beter.
  • Zelf composteren Mooi zo’n kringloopsysteem. Het afval wat overblijft na harken, snoeien en wieden wordt gerecycled en komt terug in de tuin als compost. Compost verbetert de structuur van de grond en daarmee ook de waterhuishouding. De grond houdt het vocht beter vast en voedingsstoffen zullen minder vlug uitspoelen. Het humusgehalte gaat omhoog en daar profiteert het bodemleven weer van.Verantwoordelijk voor deze omzetting zijn miljoenen levende organismen als insecten, duizendpoten, regenwormen, schimmels en bacteriën. Bij dit verteringsproces vinden er allerlei chemische processen plaats en daarbij komt warmte vrij, die in een grote hoop flink kan oplopen (zie ook hoofdstuk 5).
  • Zo min mogelijk  snoeien. Bedenk hoe groot de planten worden en geef ze de ruimte.
  • Laat groeien wat groeit en afvallen wat het niet doet. Niet koste wat het kost met allerlei trucs een plant op die plaats willen handhaven. Groeit dat kruid daar goed, prima laten groeien. Wil een andere plant daar niet, dan niet.
  • Nooit schoffelen. Dit maakt de wortels van oppervlakkig wortelende planten als rozen kapot en bovendien verstoort dit het bodemleven.
  • Ruimen in het voorjaar. Planten rustig af laten sterven. Dit heeft ook te maken met een andere kijk op wat is mooi aan de tuin. Trend is om in al die uitgebloeide bloemaren het mooie te zien. Oudere mensen vinden het vaak een rotzooitje. Bijkomend voordeel voor de vogels en de insecten is dat er zo nog lang voedsel en nestmateriaal in de tuin is.
  • Met bodembedekkers de bodem afdekken . Dit geeft de wortels schaduw en het scheelt  bovendien onkruid wieden. Ook dit is een andere zienswijze. Velen vinden die zwarte aarde mooi en opgeruimd.    
  • Naast het plantenleven ook het dierenleven stimuleren. Daarbij denken aan vogels, insecten, egels, muizen, vlinders etc. Zij hebben allen, hoewel we blijer met de een dan met de ander zijn,  hun functie in de tuin. 

 

Dieren in de tuin

Een tuin is pas een echte tuin als het ook bezocht wordt door vogels, bijen en vooral ook door vlinders. Hieronder een aantal tips om deze dieren te lokken.

 

Vogels

Een vogel heeft graag een aanvliegboom. Een boom van een aantal meter hoog, niet te dicht bij het huis, waarop de vogel eerst kan gaan zitten om de omgeving te verkennen. Als daaronder wat heesters staan met bessen en daar niet teveel geschoffeld wordt is de kans groot dat ze er ook zullen nestelen. Ook kun je er een nis- of nestkastje ophangen. Vooral in de winter kan ik uren van de vogeltjes genieten.

Mooie heesters die voor vogels aantrekkelijk zijn vanwege de besjes zijn o.a.:

Cotoneaster (dwergmispel) Sambucus  (vlier)

Viburnum opulus (Gelderse roos) Amelanchier (krenteboompje)

Lonicera   (kamperfoelie) Pyracantha  (vuurdoorn)

Euonymus  (kardinaalsmuts) Rosa rubiginosa (egelantier) 

Rubus (braam)

 

In de herfst de uitgebloeide bloemen met zaad laten staan trekt veel vogels. Bijvoorbeeld van de zonnebloem daar komen mezen, vinken en groenlingen op af. Op zaad van distels en kaardebollen komen puttertjes af terwijl sijsjes dol zijn op elzen zaden.

Nestelen doen ze graag in:

Crataegus (meidoorn) Prunus padus (sleedoorn)     

Laburnum (gouden regen) Philadelphus (jasmijn)               

Taxus  (venijnboom) Liguster- en berberishagen

Dichte gevelbegroeiingen van b.v. Hedera (klimop) en Lonicera (kamperfoelie) zijn ook goede slaapplaatsen evenals coniferen.

 

In de winter als het vriest kun je op de vogel-voeder-tafel broodkruimels, spekrandjes, stukjes appel en zaadjes neerleggen. Leg het er ’s ochtends al neer dan is het ’s avonds op, anders komen er ratten opaf. Ook vetbollen en doppinda’s trekken de vogels aan.

Als de blaadjes weer aan de bomen komen moet je het voederen geleidelijk verminderen, zodat ze weer zelf op zoek gaan.

 

Als je in de tuin een nestkastje ophangt is de kans groot dat er vogeltjes komen broeden. Hou met het ophangen rekening met de volgende punten:

 

  • Het hout van de wanden moet minstens 1,5 cm dik zijn om kou en hitte buiten te houden.
  • Er mag geen water in de kast kunnen komen.
  • In de buurt moet een “aanvliegtak” zijn, maar deze moet zover weg zijn, dat katten zo niet bij de kast kunnen komen.
  • De kast moet open kunnen zodat hij na het uitvliegen schoon gemaakt kan worden.

 

 

 

Contactgegevens

Jacqueline Veltman

06 54 21 39 88

info@projecteninhetgroen.nl

 

 

Adres

 

Kortlandstraat 46

2922 XG Krimpen aan den IJssel

KvK Rotterdam: 24372464

www.projecteninhetgroen.nl

 

 

Copyright © 2014 Projecten in het Groen. Alle rechten voorbehouden. Privacyverklaring. Webdesign door Internetbureau Antum